Schriftelijke vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Filip Dewinter aan minister Muyters betreffende de stand van zaken mbt de bouwaanvraag van Infrabel voor de aanleg van een ongelijkvloerse spoorkruising

Op vrijdag 18 november 2011 besliste het Antwerpse college van burgemeester en schepenen ongun-stig in verband met de bouwaanvraag van Infrabel, voor het deel dat betrekking heeft op de spoorver-takking aan de Oude Landen en het deel dat betrekking heeft op de aansluiting ter hoogte van Leu-genberg en Kloosterstraat. Het college pleit onder meer voor een optimalere en dus ondergrondse op-lossing voor de aanleg van de spoorvertakking Oude  Landen in Ekeren. Wat betreft de aansluiting ter hoogte van Leugenberg en Kloosterstraat pleit het college voor een herziening van deze aansluiting, waarbij een betere ruimtelijke configuratie kan worden bereikt door het verwijderen van overbodige infrastructuur en waarbij Ekeren te allen tijde met elke modus verbonden blijft met Stabroek en Hoe-venen.


Indien een ondergrondse realisatie onmogelijk zou blijken, beslist het colllege om volgende voor-waarden op te leggen: er dient te worden voldaan aan de uitvoering van de gestelde milderende maat-regelen, zoals opgenomen in het bijgeleverde en goedgekeurde milieueffectenrapport (MER); er die-nen bijkomende geluidswanden te worden geplaatst langs het gehele traject van het project; er wordt in compenserende maatregelen voorzien ten behoeve van de leefbaarheid van de omliggende land-bouwbedrijven.


Kan de minister meedelen welke initiatieven genomen zullen worden in dit dossier en welke bespre-kingen zullen worden gevoerd alvorens de beslissing wordt genomen? Op welke wijze zal een onder-zoek naar de mogelijkheden van een ondergrondse oplossing voor de aanleg van de spoorvertakking worden georganiseerd? Op welke wijze zal de objectiviteit van dit onderzoek worden gegarandeerd? Kan dit onderzoek worden gevoerd binnen de in de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening bepaalde vervaldag van 60 dagen?

Filip Dewinter
Vlaams volksvertegenwoordiger

Antwoord minister voor Ruimtelijke Ordening Muyters:

Mijn administratie heeft het advies van het college van burgemeester en schepenen van de stad Antwerpen en van de Districtsraad van Ekeren ontvangen op 14 december 2011. Conform de bepalingen van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening betekent dit dat er een beslissing moet getroffen worden voor 12 februari 2012. Momenteel kan ik uiteraard niet vooruitlopen op de inhoud en het resultaat van de beslissing.
Ik kan u wel meedelen dat op mijn kabinet op 5 december 2011 een overleg heeft plaatsgevonden met het actiecomité en afgevaardigden van Infrabel en Tucrail. Op dit overleg bleek dat Infrabel reeds in het verleden alternatieven voor de vooropgestelde werken onderzocht heeft en dat dit onderzoek zal geactualiseerd worden.
Gelet op het advies van het college van burgemeester en schepenen van de stad Antwerpen dat intussen ontvangen werd, zal op korte termijn een bijkomend overleg gepland worden met de afgevaardigden van Infrabel en Tucrail.
De opmerkingen van de verschillende actoren worden alleszins meegenomen bij de overwegingen van de beslissing van de gedelegeerd stedenbouwkundig ambtenaar. De aanvraag zal tevens getoetst worden aan de stedenbouwkundige voorschriften van het Gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ‘Spoorweginfrastructuur en natuurpark Oude Landen’ dat op 27 mei 2011 definitief werd vastgesteld door de Vlaamse Regering.

Misschien bent u ook geïnteresseerd in ...